donderdag 22 september 2011

Aan de Joden in Nederland roepen de rabbijnen op om zich te richten op de Joodse beschaving




Het Nederlands College voor Rabbinale Zaken heeft vandaag een brief gepubliceerd waarin het de gemeenschap bemoediging inspreekt, op het moment dat er bezorgdheid is over het door de Tweede Kamer genomen besluit over de Sjechieta - de Joodse methode van slachten.

Aan de Joden in Nederland roepen de rabbijnen op om de Joodse beschaving waar te maken. Daarmee onderstrepend dat de Joodse leefregels niet iets ouderwets, of zelfs barbaars, zijn, maar uitingen zijn van de Joodse beschaving.



In hun brief, van de voorzitter en secretaris van het Rabbinaal College, opperrabbijn Jacobs en rabbijn Evers, constateren zij bezorgdheid, maar ook: het Joodse volk is één, op momenten als deze. Dit is onze boodschap: kies voor behoud en voortzetting van ons Jodendom, zoals generaties voor ons ook gedaan hebben, nadat voor ons belastende maatregelen waren afgekondigd.
Kies voor Jodendom, kom nader tot onze geloofspraktijk, door deel te nemen aan sjoeldiensten, aan sjioeriem, of het vaker bezoeken van Joodse bijeenkomsten, of door het bestuderen van Joodse bronnen. Ja, besluit juist nu om kosjer vlees te eten.
Om zo te laten zien dat voor ons keer op keer, van generatie op generatie de voortzetting van onze geschiedenis en het doorgeven aan onze jeugd en jongeren, is wat telt. U en wij, jij en ik, we zijn schakels in de ketting van de Joodse geschiedenis, in het schitterende collier van de Joodse beschaving. Aan ons is het de schakels hun glans te geven; Joodse beschaving waar te maken.
Onderstaand de hele brief van de rabbijnen Jacobs en Evers.
Bij simches en bij sores; bij vrolijke en droevige momenten, staat het Rabbinaat voor u klaar. Dat geldt in persoonlijke omstandigheden, maar ook wanneer we als gemeenschap collectief een simcha beleven, of moeilijke momenten doormaken.
Van zo’n moeilijk moment kunnen we nu spreken. Nadat de Tweede Kamer heeft besloten een wetsvoorstel aan te nemen over het kosjere slachten (Sjechieta). Het wetsvoorstel dat uiteindelijk is aangenomen is weliswaar minder rigide dan wat eerst de bedoeling van de Partij voor de Dieren was, maar zal het in praktijk bijzonder lastig en misschien onmogelijk maken om de Sjechieta voort te kunnen zetten. Voor dat de nieuwe wet daadwerkelijk effectief is, dienen de Eerste Kamer en de Regering zich er mee te verenigen. Zo ver is het nog niet, de wet kan dus nog van tafel, maar er is hoe dan ook reden tot bezorgdheid.
Een bezorgdheid die breed wordt gedeeld, zo hebben de rabbijnen in rabbinale en pastorale activiteiten ondervonden. In contacten met consumenten van kosjer vlees zowel als bij gezinnen waar (nog) geen kosjer vlees op tafel komt. De bezorgdheid, maar ook steun en gedeelde emotie, delen we met elkaar. Het Joodse volk is één, op momenten als deze. Het ontnemen van ons recht om in Nederland kosjer te slachten, als intrinsiek onderdeel van onze Joodse identiteit, wordt gevoeld als aantasting van wat de Joodse gemeenschap maakt en vormt.
Daarbij geldt: het Jodendom is een eeuwenoude beschaving, en heeft wel degelijk zijn regels op het gebied van dierenwelzijn. Sjechieta af te schilderen als iets barbaars, is een beschimping van de zorg voor dierenwelzijn vanuit het Jodendom en de zorgvuldige wijze waarop de Sjechieta plaatsvindt.
Natuurlijk staan velen van ons niet dagelijks stil bij Sjechieta, net zo min als de gemiddelde Nederlander zich afvraagt hoe niet-kosjere slacht plaatsvindt. Maar kom niet aan onze rechten. We zijn een minderheid, de oudste minderheid in Nederland. En nu wordt de vraag gehoord: geldt onze plek na 400 jaar onafgebroken Jodendom in Nederland nog steeds niet als een verworvenheid? Blijkbaar niet. Het pad van de Joodse geschiedenis, door de eeuwen heen, is vaker door dalen gelopen. Beproevingen kenmerken ons volk sinds onze aartsvader Avraham.
Maar wat ook de verdere ontwikkelingen zullen zijn, het is goed te weten dat niet voor het eerst in de geschiedenis het ons moeilijk wordt gemaakt aan onze religie uitvoering te geven. De haftara (het Profetenstuk dat we na de Tora-voorlezing op sjabbat lezen) is ingesteld omdat we niet uit de Tora mochten lajenen; het verhaal van Chanoeka handelt over de tijd dat de Tempel niet meer als Joodse Tempel mocht worden gebruikt.
En toch, en toch, heeft ons Joodse volk keer op keer dergelijke hindernissen overwonnen. Ons volk bestaat nog; de volkeren die ons in de loop der geschiedenis soms zware, soms minder zware barrières hebben opgeworpen, zijn als zodanig van het wereldtoneel verdwenen.
Dit is onze boodschap naar aanleiding van de recente stemming in de Tweede Kamer. Kies voor behoud en voortzetting van ons Jodendom, zoals generaties voor ons ook gedaan hebben, nadat voor ons belastende maatregelen waren afgekondigd.
Kies voor Jodendom, kom nader tot onze geloofspraktijk, door deel te nemen aan sjoeldiensten, aan sjioeriem, of het vaker bezoeken van Joodse bijeenkomsten, of door het bestuderen van Joodse bronnen. Ja, besluit juist nu om kosjer vlees te eten. Het is verkrijgbaar, ook wanneer u niet dicht bij de slager in Amsterdam woont.
Of bedenk of in uw persoon niet de hulp schuilt om onze gemeenschap verder te helpen in de strijd om het behoud van onze rechten, onze identiteit, onze voortzetting van het Joodse slachten. Er zijn er diversen geweest die de afgelopen maanden het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap hebben benaderd, hun hulp hebben aangeboden, waarbij gebleken is dat hun vrijwillige onbaatzuchtige inzet van groot belang is gebleken.
Om zo te laten zien dat voor ons keer op keer, van generatie op generatie de voortzetting van onze geschiedenis en het doorgeven aan onze jeugd en jongeren, is wat telt. Waar we ook zijn, hier in Nederland of elders, in een levendig Joods centrum of soms als een der weinige Joden in de omgeving. U en wij, jij en ik, we zijn schakels in de ketting van de Joodse geschiedenis, in het schitterende collier van de Joodse beschaving. Aan ons is het de schakels hun glans te geven; Joodse beschaving waar te maken.

Zit u met vragen? Als rabbijnen willen wij graag de gelegenheid bieden om deze te beantwoorden en van gedachten te wisselen over wat er de afgelopen maanden is gebeurd en naar verwachting nog te gebeuren staat. Wat dit laatste betreft: als uw Joodse Gemeente een bijeenkomst wil organiseren, komen wij graag naar u toe. Uiteraard zijn wij ook voor individuele vragen en/of zorgen bereikbaar.

Met een hartelijke groet,
Nederlands College voor Rabbinale Zaken (NCRZ)
Binyomin Jacobs, opperrabbijn voorzitter

Raphael Evers, rabbijn mr. drs. secretaris